'Hij is maar een poppetje', verdachten drugslab Didam voor de rechter

DIDAM - De verdachten die vastzitten voor de productie van harddrugs in een voormalig lab in Didam, zijn geen 'grote jongens'. Dat zeggen hun advocaten tijdens een pro forma zitting van de zaak. Het amfetamine-lab -dat tegenover het gemeentehuis zat- werd op 10 april ontdekt. Twee mannen werden op heterdaad betrapt, twee andere mannen zijn later aangehouden.

De drugs werd gemaakt in een loods bij een woonhuis, dat werd gehuurd door één van de vier verdachten. De politie kwam het drugslab op het spoor na een melding van brand. Daar bleek geen sprake van te zijn, maar wel werd er een chemische lucht geroken. Het lab zou in er in ieder geval sinds eind maart hebben gezeten.

149 liter amfetamineolie

De mannen van 31, 38, 47 en 49 jaar worden verdacht van het produceren van 149 liter amfetamineolie en het in bezit hebben van 40 liter amfetamine. Daarnaast zouden ze bezig zijn geweest met voorbereidende werkzaamheden om de drugs te maken. Twee van de vier mannen komen uit Arnhem, de andere twee hadden geen vaste woon-of verblijfplaats. 

Tijdens de pro-formazitting waren de 49-jarige man en zijn advocaat niet aanwezig, de overige verdachten en hun raadsmannen wel. De advocaten vroegen alle drie om opheffing of schorsing van de voorlopige hechtenis van hun cliënten.

Zo vindt advocaat Jan Vlug dat zijn 31-jarige cliënt een laatste kans moet krijgen. "Het gaat om een verstandelijk beperkte jongen die in de productie een ondergeschikte rol heeft gehad. Hij is maar een poppetje." Vlug kent zijn cliënt al vanaf dat die nog minderjarig was en vanaf toen regelmatig in de criminaliteit terecht kwam. De advocaat vindt dat de verdachte begeleiding nodig heeft in plaats van een celstraf om hem uit de negatieve spiraal te halen. Zelf zegt de 31-jarige dat hij spijt heeft en zijn leven wil beteren door zijn schulden af te lossen en stabiliteit te zoeken bij zijn vriendin. 

Scheikundige kennis

Ook de 47-jarige Arnhemmer wil graag naar huis om voor zijn puberdochter te zorgen. "Bovendien heeft hij maar 1,5 dag in het drugslab gewerkt," zegt zijn advocaat Jori Schadd. "En nu zit hij al zeven maanden vast." De officier van justitie beaamt dat, maar zegt dat de verdachte niet alleen maar hand- en spandiensten verrichtte, maar een zekere deskundigheid en scheikundige kennis moet hebben gehad om de drugs te maken.

De derde verdachte zou alleen maar de woning hebben gehuurd bij de loods en niet bij het productieproces van de drugs betrokken zijn geweest. Toch is er van hem ook DNA gevonden in het lab. 

Het verzoek om de verdachten tijdelijk vrij te laten, werd door de rechtbank afgewezen. De inhoudelijke behandeling van de zaak staat vooralsnog gepland op 14 januari. 

Zie ook: 

💬 WhatsApp ons!
Heb jij een tip of opmerking voor de redactie? Stuur ons een bericht op 06 - 220 543 52 of stuur een mail: omroep@gld.nl!
Deel dit artikel: