Tafeltennisster Gerdie Keen: 'Ik had een hekel aan publiciteit en camera's'

RENKUM - Omroep Gelderland zoekt topsporters uit vervlogen tijden op en portretteert ze vanuit het verleden en nu. In aflevering vier Gerdie Keen uit Randwijk die nerveus werd van camera's en publiciteit het liefst meed, maar toch jarenlang in de schijnwerpers stond van de topsport. 'Winnen gaf mij een ongelooflijk gevoel.'

Haar eerste partijtjes tafeltennis speelde ze in Heteren. Daarna volgde Shot in Wageningen. 'Daar is het allemaal begonnen voor mij. Aan Gelderland bewaar ik prachtige herinneringen', vertelt Keen. 'Mijn zus ging ook in Wageningen spelen en mijn vader gaf ons training. We zaten met een hele grote groep leeftijdsgenoten van hetzelfde niveau. Met elkaar waren we heel hecht. Eigenlijk lag mijn hele sociale leven daar.'

Hekel aan verliezen

Het is een periode van haar leven die de inmiddels 50-jarige Keen koestert. Het talent, het harde werken en de wil om altijd maar te willen winnen, bracht haar naar de Europese top. 'Ik heb een verschrikkelijke hekel aan verliezen. Dat kon soms ook echt heel zeer doen.' Keen werd vier keer Nederlands kampioen in het enkelspel en zeven maal in het dubbel. Ze speelde liefst 134 interlands en kwam uit op acht EK's en zeven WK's.

Goede vriendinnen

Een absoluut hoogtepunt voor Keen was het Europees kampioenschap van 1994 in Birmingham waar ze in de finale stond maar tweede werd. En dan waren er natuurlijk de Olympische Spelen van Atlanta in 1996. 'Het moment van plaatsing was vooral één van mijn mooiste momenten', kijkt de geboren Randwijkse (vlakbij Renkum) terug. 

'Voor het enkelspel was ik al geplaatst via één kwalificatiewedstrijd. De eisen van het NOC waren heel streng en toen plaatste ik me ook nog met Mirjam Hooman voor het dubbel. Wij zijn trouwens goede vriendinnen geworden later.'

Keen dubbelt met Hooman tijdens de Spelen van Atlanta

Stil in de auto

Het boegbeeld van tafeltennissend Nederland was jarenlang Bettine Vriesekoop. 'Zij is een voorloper geweest. Iemand waar ook ik in mijn jeugd tegenop keek', zegt Keen over het fenomeen in de jaren tachtig en negentig. Ik was zelfs bang voor haar. Toen ik voor de eerste keer met Bettine in de auto zat naar een wedstrijd, heb ik onderweg niets gezegd. Ik voelde me niet op mijn gemak. Er was ook altijd wel wat te doen rond haar. De mensen van de media zaten er in die tijd bovenop.'

Iets bijzonders

Vriesekoop was de beste, maar ook dominant en uitgesproken. Keen is een type dat het liefst anoniem op de achtergrond toekijkt hoe de dingen lopen. Ze ging en gaat nog steeds graag haar eigen gang. 'Ik blijf het liefst uit de strijd. Aan publiciteit had ik een hekel. De camera's probeerde ik te vermijden omdat ik er nerveus van werd. Natuurlijk, het was leuk dat er aandacht voor je was. Je had toch het gevoel dat je iets bijzonders aan het doen was. De lat in ons team lag ook altijd heel hoog, zeker met Vriesekoop was dat gewoon zo.'

Keen wint in het enkelspel een finale van Vriesekoop. Foto: ANP.

Vier jaar competitie spelen in Duitsland was voor Keen ook succesvol. Ze kwam in de Bundesliga uit voor Uerdingen en Glane. 'Alles was strak georganiseerd en prima gepland. Ik heb daar mijn beste tafeltennis gespeeld op het hoogste niveau met heel veel goede resultaten. Wel was er altijd enorme druk. Als je won had je vrienden en anders was het meteen een stuk minder. Maar de beleving met het talrijke publiek was super mooi.'

Eentonig bestaan

'Ik verbleef regelmatig bij ploeggenoten of mijn broer (Trinko Keen, RvdM), maar zelf heb ik nooit in Duitsland gewoond', vertelt Keen. 'Voor mij zou dat te eenzaam zijn geweest. Topsport is ééntonig: je traint, eet en gaat naar bed. Dat is het vaak. Toen ik stopte, merkte ik hoe groot de druk was. Die ik mezelf overigens oplegde. Altijd moest je weer 100 procent gemotiveerd zijn en was je op zoek naar die bevestiging. Vorm is toch iets ongrijpbaars. En als die er even niet was, werd het helemaal zwaar. Stoppen was daarom ook een grote opluchting. Maar de voldoening die ik kreeg van het winnen gaf wel een ongelooflijk gevoel. Dat is niet te evenaren.'  

Administratie bij een bouwbedrijf

Tegenwoordig woont Keen in het Noord-Hollandse Stompetoren in de gemeente Alkmaar. Ze kreeg drie kinderen en werkte in een peuterspeelzaal. 'Ik had ooit de pabo gehaald dus dat was een makkelijke stap. Toen ik stopte rolde ik van het één in het ander, want bij de tafeltennisbond heb ik me nog ook ingezet voor de breedtesport. Nu werk ik bij de administratie van het bouwbedrijf van mijn vriend.' 

Band met spelers

'Daarnaast geef ik al tien jaar trainingen aan de jeugd bij tafeltennisvereniging DOV in Heerhugowaard. Het belangrijkste vind ik dat elke speler het beste uit zichzelf haalt en iets wil leren, of dat nu een hoog niveau is of niet. Verder houd ik erg van het contact en de band met de spelers die ik heb. De intentie om ze topsporters te laten worden heb ik nooit, maar het is wel leuk dat een jongen die bij mij begonnen is, bijvoorbeeld nu in het Nederlands jeugdteam zit.'

Eigen foto.

Verplichting

Ook haar dochters tafeltennissen tegenwoordig. Ieder weekend reisde moeder Keen met ze op kris kras door het land.  'Ze zouden nu competitie gaan spelen in Hilversum, maar door corona ligt dat nu stil. Ook mijn leven is nu compleet anders geworden. Het is een aparte ervaring hoeveel tijd je ineens hebt. Ik was er altijd met ze op pad en erg betrokken. Je hebt geen keus, want het is een soort verplichting die je aangaat. Je moet er gewoon altijd zijn. Dat het nu even is gestopt, vind ik eerlijk gezegd niet zo erg.'

 Keen doceert één van haar dochters. Eigen foto.