Jelle bouwt al vanaf zijn vierde knikkerbanen, nu heeft hij zijn eigen museum

NIJMEGEN - Vanaf zijn vierde bouwt Jelle Bakker (36) al knikkerbanen. Nadat hij de knikkerbaan heeft opgebouwd, rollen de kleurrijke knikkers door zijn eigen creaties. Jelle zet zelf regelmatig beelden van zijn banen op internet, die worden vervolgens wereldwijd bekeken.

Bekijk de video. De tekst gaat eronder verder.

Hij kan het niet verklaren, maar door zijn autisme denkt Jelle dat hij erg geniet van het geklingel en het rollen van de knikkers door de verschillende aangelegde banen. 'Het fascineert mij enorm', vertelt Jelle. 'Het geeft me een beetje een opwindend gevoel.' In Amerika wordt Jelle al 'Marblemaster' genoemd en in Nederland de knikkerbanenkoning. Hij is er zichtbaar trots op.

Om iedereen mee te laten genieten van zijn megaconstructies, kwam hij op het idee van: Jelle's knikkerbaanmuseum. 'Ik heb het eindelijk voor elkaar gekregen. Het is op dit moment nog niet heel groot, maar ik hoop op een toekomstige uitbreiding.'

'Degelijk spul'

Verschillende knikkerbanen worden in het museum in het Nijmeegse Molenpoort getoond. Zo zie je Jelle's oudste knikkerbaan verwerkt in een megabaan waar de knikkers op 30 verschillende manieren naar beneden kunnen rollen. De rood met gele knikkerbaan kreeg hij op 4-jarige leeftijd van Sinterklaas. 'Ik gebruik hem ook nog, het is héél degelijk spul', aldus de knikkerbanenkoning.

2 euro

In het museum worden ook aardewerk knikkers tentoongesteld die met de hand zijn gevormd en dateren van tussen 1750 en 1870. Er liggen ook glazen knikkers die handmatig zijn geproduceerd tussen 1840 en 1890. Om het museum te bezoeken betaal je als bezoeker 2 euro.

Jelle hoopt dat er nog meer bezoekers komen. 'Met name kinderen zijn enthousiast, maar volwassenen ook' vertelt hij. De bezoekers komen uit alle hoeken van het land. 'Onlangs waren er bezoekers uit Groningen en Limburg.'

💬 WhatsApp ons!
Heb jij een tip of opmerking voor de redactie? Stuur ons een bericht op 06 - 220 543 52 of stuur een mail: omroep@gld.nl!
Meer over dit onderwerp:
Gemeente Nijmegen Nijmegen Nieuws
Deel dit artikel: