Misbruik en geweld: zo werden kinderen behandeld in Gelderse jeugdzorginstellingen

VELP - Een op de tien jongeren in de jeugdzorg maakte vaak tot zeer vaak geweld mee. In het rapport van de commissie-De Winter, dat woensdag werd aangeboden aan de ministers De Jonge en Dekker, worden misstanden in een aantal Gelderse instellingen beschreven. Fysiek, psychisch en seksueel geweld kwam daar vaak voor.

door Gerwin Peelen en Jenda Terpstra

Zusters van de Goede Herder: sommige meisjes werden 'platgespoten'

In Velp was tot eind jaren '70 een internaat van de Zusters van de Goede Herder. Volgens het onderzoeksrapport was er in de internaten van de Zusters sprake van zware psychische druk, continue controle en een sterke nadruk op gehoorzaamheid. 'Meisjes die in de ogen van de zusters te opstandig waren, kregen soms kalmerende middelen toegediend. Soms werden meisjes 'platgespoten'.'

Ook werden veel van de meisjes die daar waren ondergebracht aan het werk gezet vanuit een therapeutisch oogmerk. Ze waren verplicht dagelijks te werken in bijvoorbeeld wasserijen en naaiateliers. Ze verdienden daar niet of nauwelijks geld voor.

Zie ook: Excuses voor jarenlang leed in jeugdzorg; overheid belooft erkenning en hulp

Meisjes die niet gehoorzaam waren, werden opgesloten in isoleercellen. Die strafmaat werd in de onderzochte periode van 1945 tot 1975 langzaam verzacht. Er was verschil tussen de internaten van de Zusters. In totaal waren dat er vijf, die in Velp was volgens de onderzoekers strenger dan bijvoorbeeld in Someren of Bloemendaal.

Het leefklimaat in de internaten van de Zusters werd sterk beïnvloed door de spiritualiteit en de religieuze levenswijze. 'Kloostertradities werden soms rechtstreeks vertaald naar de omgang met kinderen.' Als voorbeeld wordt het publiekelijk voorlezen van rapporten - over de meisjes - genoemd en kregen meisjes een andere voornaam.

Neerbosch: verkrachting en gedwongen seksuele handelingen

In kinderdorp Neerbosch bij Nijmegen was volgens de onderzoekers spraken van fysiek, psychisch en seksueel geweld. De meeste incidenten vonden plaats in de perioden 1956 tot 1965 en van 1975 tot 1985. Kinderen werden gedwongen om in koud water te staan of juist onder een hete douche te gaan. Ook werden duimen tussen deuren geklemd en werden kinderen bespuugd. 'Jongens die nieuw aankwamen in Neerbosch moesten soms door te vechten een plek veroveren in de leefgroep.'

Meisje werd gedwongen eigen braaksel op te eten
Commissie De Winter

In de jaren '60 werd een meisje gedwongen om haar eigen braaksel op te eten. Ze werd vervolgens opgesloten in een isoleercel omdat ze zich daartegen had verzet. Het geweld kwam van leidinggevenden, maar ook was er geweld tussen de kinderen. In de onderzochte periode kwam ook seksueel geweld voor. 'Er was sprake van verkrachting, het onder dwang moeten verrichten van seksuele handelingen en dwang tot seksuele contacten met andere jongeren. In de jaren '70 en '80 vond het misbruik plaats door groepsleiders en de directeur van Neerbosch.' Ook de pupillen  misbruikten elkaar.

Eerder berichtte Omroep Gelderland al over misbruik in Neerbosch. De tekst gaat verder onder de video.

Bij de instelling werden verschillende groepsleiders ontslagen nadat ze fysiek of psychisch geweld hadden uitgeoefend richting pupillen. Volgens de onderzoekers zijn er meerdere mogelijke oorzaken voor de geweldsincidenten. Zo was er in de jaren 50 en van 1975 tot 1986 gebrek aan een sterke leiding.

De directie had toen onvoldoende gezag over medewerkers en misstanden werden toegedekt of gerelativeerd. Ook het bestaan van grote leefgroepen had een negatief effect op de veiligheid. In de jaren 70 werd de strakke aanpak losser, maar ook daar zaten risico's aan. 'Zo was het eenvoudig voor personeel om kinderen op hun kamers te ontvangen en alcohol te schenken. Dat laatste was strikt verboden, maar personeel dat er op werd betrapt ondervond nauwelijks consequenties', aldus de onderzoekers.

Ministers Dekker en De Jonge met het rapport (tekst gaat verder onder foto).

Foto: ANP

Hoenderloo: 'Een draai om de oren als laatste redmiddel'

Afgebrande gebouwen, op drift geraakte pupillen, verdwenen inventarissen en een tiental jongens dat zich bij de vijand had aangemeld. De Tweede Wereldoorlog had een zware impact op het Jongenshuis Hoenderloo. Op verzoek van de Duitsers werd het jongenshuis in 1943 ontruimd. 'Voor de directeur brak een enerverende tijd aan. Hij moest langs alle locaties om contact te houden met het personeel en de pupillen, was verantwoordelijk voor de voedselvoorziening, brak tot overmaat van ramp op een van zijn tochten zijn been en wist ook nog te voorkomen dat zeven jongens die zich voor de Duitse marine hadden gemeld, zich bij de vijand aansloten.'

Volgens de onderzoekers kwam er in Hoenderloo fysiek, seksueel en psychisch geweld voor. Een draai om de oren werd als laatste redmiddel gezien, maar kwam wel voor. Weglopers werden kaalgeschoren, als straf opgesloten of moesten verplicht straflopen. 'Groepsleiders die fysiek geweld gebruikten werden onervaren genoemd; sommige werden berispt, enkele nadere ontslagen.'

Na de jaren '60 zijn er volgens het onderzoek weinig indicaties van fysiek geweld door groepsleiders. In de jaren 80 nam het onderling geweld van 'pupillen' wel toe. 'Terwijl er al sinds het begin van de jaren '70 gesproken werd over de verzwaring van gedragsproblematiek.' Die factoren zorgden voor een verharding van het instellingsklimaat. Na 2005 is er toename van het aantal geregistreerde incidenten, veelal fysiek geweld van pupillen. Als redenen worden de verzwaring van de gedragsproblematiek, systematische incidentenregistratie en een toegenomen sensitiviteit voor geweld genoemd.

Seksueel geweld is incidenteel gedocumenteerd. Sinds de jaren 80 werden een aantal medewerkers ontslagen om seksueel grensoverschrijdend gedrag, of het vermoeden daarvan. Na 2005 spreekt het rapport van seksueel geweld tussen pupillen onderling.

Het rapport van de commissie (pdf) beslaat zo'n 5000 pagina's. Omroep Gelderland heeft zich eerst gericht op de jeugdzorginstellingen en de jeugdgevangenissen. Het rapport werd woensdag overhandigd aan het kabinet. De ministers Hugo de Jonge (Volksgezondheid) en Sander Dekker (Rechtsbescherming) en Jeugdzorg hebben hun excuses aangeboden voor het jarenlange geweld in de jeugdzorg.

Mettray: alcohol op de kamer van de begeleider

Mettray werd in 1851 opgericht als een landbouwkolonie voor verwaarloosde jongens in Eefde, in de buurt van Zutphen. Vanaf 1945 verbleven in Mettray moeilijk opvoedbare en, vanaf 1956, zeer moeilijk opvoedbare jongens. Het leven in Mettray verliep volgens een militaristisch regime: discipline was de essentie. Vanaf 1956 werd het iets vrijer. De meeste jongens die er woonden, verbleven er tussen hun tiende en vijftiende jaar.

Bedreiging, vandalisme, slaan, mishandeling en pesten. Het kwam veelvuldig voor.
Commissie De Winter

Slaan en mishandeling door de leiding was al vanaf het begin verboden, maar werd vaak door de vingers gezien. Ook zijn er vermoedens dat sommige begeleiders seksuele relaties met jongens hadden. Zoals één jonge begeleider, die een gevangenisstraf kreeg vanwege ‘wangedrag’. Hij ontving jongens op zijn kamer en schonk ze alcohol. Dat de rechter hem veroordeelde, duidt er volgens de commissie op dat seksueel contact met de jongens is aangetoond.

De meeste meldingen van geweldsincidenten betreffen overigens niet het personeel, maar de jongens onderling. Bedreiging, vandalisme, slaan, mishandeling en pesten: het kwam veelvuldig voor. 

Maar niet alleen in de internaten, ook in jeugdgevangenissen is geweld een probleem, schrijft de commissie.  

Hunnerberg: sigaretten uitdrukken op iemand

In 1905 werd een Tuchtschool voor Jongens in Nijmegen opgericht: De Hunnerberg. Die bestaat nog steeds, alleen nu is het een gesloten justitiële jeugdinrichting voor jongens en meisjes tussen de 12 en 24 jaar.

Volgens commissie De Winter hebben zich in De Hunnerberg verschillende vormen van fysiek geweld voorgedaan. Tussen 1965 en 1990 werden jongeren soms 34 uur in de isoleercel opgesloten. Daarnaast was er sprake van fysiek geweld van medewerkers naar jongeren, fysiek geweld van jongeren naar medewerkers en geweld tussen jongeren onderling.

Geweld onderling is bijvoorbeeld slaan, schoppen van groepsgenoten, het uitdrukken van sigaretten op elkaars lichaam en het gooien met materiaal (meubels, keukenspullen en dergelijke). Het personeel kreeg op een gegeven moment trainingen om om te gaan met agressie. Maar, schrijft de commissie, vanwege het grote personeelsverloop is het maar de vraag in hoeverre die kennis aanwezig blijft.

Wilt u hierover doorpraten? Mail dan naar Gerwin Peelen of Jenda Terpstra 

Rekken: angst bij jongeren én personeel

In het Gelderse Rekken, op de grens met Duitsland, werd in 1910 een inrichting gesticht voor ‘zwakzinnigen’ en later ‘psychopaten’. Na de Tweede Wereldoorlog kwamen daar jongens en meisjes bij die ontworteld waren en ernstige gedragsproblemen hadden. Rekken was het eindstation, zo werd gezegd.

En dat was te merken aan de sfeer. Voor veel personeel was de ernstige problematiek van de kinderen een brug te ver, schrijft de commissie. Jongeren liepen veelvuldig weg, het ziekteverzuim onder het personeel was hoog: soms waren hele teams ziek. Om te overleven kwamen zowel de jongeren als de begeleiders in een spiraal van geweld, schrijft de commissie.

Jongeren én personeel waren bang. Dat leidde bij jongeren soms tot wapenbezit, bij personeel leidde het vaak tot het overmatig opsluiten en isoleren van de jongeren. Soms was er ook sprake van seksueel geweld. Twee medewerkers werden ontslagen voor pedofiele relaties.

Zie ook: 'Veel Gelderse tehuizen in misstandenrapport jeugdzorg is toeval'

💬 WhatsApp ons!
Heb jij een tip of opmerking? Stuur ons een bericht op 06 - 220 543 52 of stuur een mail: omroep@gld.nl!
Meer over dit onderwerp:
Gemeente Rheden Rijk van Nijmegen Velp Nieuws
Deel dit artikel: