Martin Laamers wilde dolgraag trainer bij Vitesse worden: 'Spraakgebrek wordt toch afgestraft'

Hij speelde meer dan 300 wedstrijden voor Vitesse en haalde zelfs het Nederlands elftal. De voorwaarden om trainer te worden lijken meer dan aanwezig. Toch heeft Laamers de indruk dat hij geen trainer mag worden, omdat hij stottert. Dat vertelt hij bij het programma De week van Gelderland.

'Ik weet hoe dit wereldje in elkaar zit, maar dat is niet alleen in het voetbal. Je wordt toch afgestraft op je spraak. Kom je op een sollicitatie, dan stellen ze vragen aan je. Daarna praten ze eromheen en vinden ze wel een andere reden om je af te wijzen. Ze zeggen het nooit direct.'

En dat gevoel heeft Laamers ook bij de Arnhemse club. 'Toen ik terugkwam uit België in 2001, had Vitesse naar mij toe moeten komen met de vraag of ik niet iets wilde doen. Ik heb meer dan 300 wedstrijden voor Vitesse gespeeld. Oud-teamgenoten van mij als John van den Brom en Edward Sturing zijn daar trainer geweest. Dat wilde ik ook., maar mijn spraak hè?'

'Training kan toch half uur langer duren?'

NEC-watcher Jochem van Gelder staat bij Laamers aan tafel en vraagt zich af of de voormalig middenvelder niet wat te bescheiden is geweest. 'Had je je ook niet eens zelf bij Vitesse moeten melden? Ik denk dat er een goede trainer in jou schuilt. Die training kan toch ook een half uur langer duren?' Laamers antwoordt daar direct op. 'Ik heb het echt wel geprobeerd, maar er is niks uit gekomen.'

O-o-o-ranje

Laamers is nu op het moment gekomen dat hij het stotteren heeft geaccepteerd. 'Tijdens het 125-jarig bestaan van Vitesse zag ik ieder Vitesse-icoon op camera, zoals Van den Brom en Sturing. Ik stond daar maar heel kort op. Toen had ik wel zoiets van: 'ik had daar wel een half uur op moeten staan.'

Daarop besloot hij een boek te (laten) schrijven over het stotteren dat op 22 oktober tijdens wereldstotterdag uitkomt.  'Ik ben een babbelbox, maar vroeger ontweek ik elke camera. Ik was bang om te praten, ik was altijd met anderen bezig. Ook als ze 100 meter van mij vandaan stonden had ik al een soort spanning. Een paar jaar geleden besloot ik dat ik er maling aan moest hebben. Dat heeft ook met dit boek te maken.' Schrijver Remco Kock schreef het verhaal van Laamers op in het boek O-o-o-ranje. 'Het is een soort verwerking voor mij.'

Ouders wakker schudden

Met het boek wil hij dus ook aandacht vragen voor het stotteren. 'Ik wil ouders wakker schudden. Ik wil dat ze hun kinderen aandacht geven, want stotterende kinderen zijn vaak eenzaam. Dat ben ik zelf ook heel vaak geweest.' 

Laamers hoopt dan uiteindelijk ook dat ieder kind hetzelfde zal bereiken als hij. 'Ik ben er nu trots op, sta ook gewoon voor een microfoon en vraag dan gewoon: 'hebben jullie een half uurtje extra?'

Heeft u opmerkingen of aanvullingen op dit bericht? Mail dan met de redactie: omroep@gld.nl. Of stuur ons direct een WhatsApp-bericht: 06 - 220 543 52

Deel dit artikel: