Zin in Zondag | De dominee komt voorbij | Jan-Martin Berghuis

Ogentest

Luister hier naar het fragment

“Daarna ging Jezus naar de overkant van het Meer van Galilea. Een grote menigte mensen volgden Hem, omdat ze gezien hadden welke wondertekenen Hij bij zieken deed. Jezus ging de berg op, en ging daar met zijn leerlingen zitten. Het was kort voor het Joodse pesachfeest.

Toen Jezus om Zich heen keek en zag dat die menigte naar Hem toe kwam, vroeg Hij aan Filippus: ‘Waar kunnen we brood kopen om deze mensen eten te geven?’. Hij vroeg dat om Filippus op de proef te stellen, want Zelf wist Hij als wat Hij zou gaan doen. Filippus antwoordde: ‘Zelfs 200 denarie zou niet voldoende zijn om iedereen een klein stukje brood te geven’. Een van de leerlingen, Andreas, de broer van Simon Petrus zei: ‘Er is hier wel een jongen met 5 gerstebroden en 2 vissen’- maar wat hebben we daaraan voor zoveel mensen?’. Jezus zei: ‘Laat iedereen gaan zitten’. Er was daar veel gras, en ze gingen zitten; er waren ongeveer 5000 mannen. Jezus nam de broden, sprak het dankgebed uit en verdeelde het brood onder de mensen die er zaten. Hij gaf hun ook vis, zoveel als ze wilden.”

Ik ben onlangs weer eens genezen. Ja, alweer. Opnieuw. Voor de zoveelste keer. Waarvan? Van een blindheid waartoe ik mij telkens laat verleiden. Want als ik met mijn eigen ogen zie, dan weet ik in één oogopslag wat voor iemand ik voor mij heb. Het kwartje valt dan ook meteen: geschikt of ongeschikt? Is iemand bruikbaar of niet? Heb ik wat aan hem of haar of niet? Net als in die tv-commercial van de Landmacht een paar jaar geleden. Bij de eerste ontmoeting kruis ik binnen een paar seconden het vakje geschikt of ongeschikt aan. Boeiend of niet boeiend. Of, om in termen van dit Bijbelgedeelte te spreken: ‘maar wat heb ik hieraan voor (vul maar in)’. Het is de verleiding van de eerste indruk. 

Bij een teambuilding heb ik weleens zo’n kijkoefening moeten doen. Je gaat recht tegenover een ander staan, op 1 meter afstand van elkaar en je krijgt 1 minuut om de ander van top tot teen te bekijken. Om daarna te zeggen: wat

voor werk hij of zij doet, de auto die hij rijdt, wat zijn hobbies zijn etc. Wonderlijk om dan te merken hoezeer je op uiterlijkheden afgaat. Hoe iemands haar zit, hoe hij uit de ogen kijkt, de kleding die iemand draagt etc. Oppervlakkigheden. Veel klopt, maar lang niet alles. 

Kijken is niet hetzelfde als zien. De geschiedenis van de 5 broden en 2 vissen, begint met Jezus die om Zich heen kijkt en ziet. Jezus ziet. Dat is: Jezus schouwt, doorgrondt, reikt dieper. Hij ziet wat de mensen nodig hebben: het is etenstijd. Hij ziet wat de mensen nodig hebben: zien dat ze hier met de Zoon van God te maken hebben. 

Jezus doet als het ware een ogentest bij Filippus. Die kijkt in zijn portemonnee en beoordeelt de situatie als kansloos. Andreas’ ogen zijn er nog slechter aan toe: bijna lachend en spottend, alsof hij even een goede grap wil maken, komt hij op de proppen met een jongetje die 5 gerstebroodjes en 2 gedroogde visjes heeft. Eten van arme mensen. “Maar wat hebben we daaraan voor zoveel mensen?”. Andreas ziet het onvermogen, de beperking van deze jongen. 

Jezus daarentegen ziet juist het vermogen van deze jongen en doet het daarmee. Dat jongetje geeft wat Hij heeft. Meer heeft Jezus niet nodig. Jezus gebruikt de gave van deze jongen om een wonder te doen. Iets heel kleins, iets dat onooglijk lijkt, iets waar niemand brood in ziet, maar Jezus wel! Hier voedt Jezus duizenden mensen. Hier geneest Jezus de ogen van zijn discipelen. Jezus ziet het vermogen van mensen en wil dat gebruiken. 

Dat jongetje geeft wat hij heeft. Wat heb jij in handen? Wat kan jij vandaag doen, aanbieden aan Jezus? Hij is degene die vermenigvuldigt, Hij is degene die van iets kleins iets groots kan maken… Hij is degene die zich niet laat hinderen door mijn beperking.

Durf ik mij vandaag te laten verrassen door een ander. Door écht open te staan voor wie die persoon is? Hem of haar een kans te geven voor de dag te komen? En nu naar mijzelf toe: durf ikzelf een verrassing te zijn voor een ander? Door niet te denken in beperkingen, maar in …   

Geef wat je hebt. Net als dat jongetje geeft wat hij heeft. Meer heeft Jezus niet nodig om door jou heen een wonder te doen vandaag. Een wonder? Groot of klein? Soms ka

Heeft u opmerkingen of aanvullingen op dit bericht? Mail dan met de redactie: omroep@gld.nl. Of stuur ons direct een WhatsApp-bericht: 06 - 220 543 52