Meedoen aan Vierdaagse 25 procent duurder

NIJMEGEN - Deelname aan de Vierdaagse van Nijmegen wordt fors duurder. Wandelaars betalen dit jaar voor 4 dagen lopen 80 euro. Vorig jaar moesten wandelaars 64 euro betalen. Leden van de Wandelbond betalen dit jaar 75 euro.

De organisatie beseft dat de verhoging van 25 procent aanzienlijk meer is dan in voorgaande jaren. De sponsorinkomsten zijn lager dan voorheen, zegt woordvoerster Jennifer Bus, maar dat is slechts een van de redenen.

Bus: 'We hebben elk jaar met prijsstijgingen te maken, van leveranciers bijvoorbeeld. En elk jaar komen er meer voorzieningen bij die de overheid ons verplicht. Daar zit ook een prijskaartje aan, onder meer op het gebied van veiligheid en verkeer.'

Daling sponsorgeld duurt al langer

Verder gaat de kostenstijging onder meer op aan toiletvoorzieningen, het faciliteren van de verzorgingsposten en de inzet van het Rode Kruis. De dalende sponsorinkomsten is volgens de woordvoerster een tendens die al langer zichtbaar is.

Ze beaamde op Radio Gelderland rekening te houden met klachten, vorig jaar steigerden deelnemers om een prijsstijging van 5 euro. 'Op de website leggen we de verhoging uit.'

Dit jaar is er in tegenstelling tot daarvoor slechts één inschrijfperiode. Dat komt onder meer doordat steeds meer wandelaars zich digitaal inschrijven. 'Daardoor neemt bij ons de drukte af', aldus Bus.

Weer eerst door Oosterhout

De 102e Vierdaagse gaat net als vorig jaar op de eerste dag eerst door Oosterhout en op de terugweg door Bemmel. Dat gebeurde op aandringen van de hulpdiensten. Bus: 'Deze route handhaven we. De hulpdiensten waren tevreden en van de wandelaars hebben we eigenlijk louter positieve geluiden gehoord.' 

De Vierdaagse is dit jaar van 17 tot en met 20 juli. 47.000 wandelaars mogen meedoen. De inschrijving gaat van start op 5 februari en duurt tot 23 maart middernacht.  

Update: het omkeren van de route geschiedde niet op aandringen van hulpdiensten, meldt hoofd parcoursen Arno Bernards. Het was zijn idee. Bernards kreeg bijval van Ernst Paul van Etten, hoofd medische dienst.
Deel dit artikel: