Zin in Zondag | De dominee komt voorbij | Jan-Martin Berghuis

ARNHEM - Stap uit je karikatuur

Luister naar het fragment

Bijbellezing: Johannes 21:15-17

15 Toen ze gegeten hadden, sprak Jezus Simon Petrus aan: ‘Simon, zoon van Johannes, heb je mij lief, meer dan de anderen hier?’ Petrus antwoordde: ‘Ja, Heer, u weet dat ik van u houd.’ Hij zei: ‘Weid mijn lammeren.’ 16 Nog eens vroeg hij: ‘Simon, zoon van Johannes, heb je me lief?’ Hij antwoordde: ‘Ja, Heer, u weet dat ik van u houd.’ Jezus zei: ‘Hoed mijn schapen,’ 17 en voor de derde maal vroeg hij hem: ‘Simon, zoon van Johannes, houd je van me?’ Petrus werd verdrietig omdat hij voor de derde keer vroeg of hij van hem hield. Hij zei: ‘Heer, u weet alles, u weet toch dat ik van u houd».’ Jezus zei: ‘Weid mijn schapen’.

Het staat op hun voorhoofd geschreven. Hoe kennen wij de discipel Thomas? Twintig eeuwen na dato spreken we het moeiteloos uit: ongelovige Thomas. Omdat hij eerst Jezus live wilde zien en voelen (wonden in handen en zij) dat Hij werkelijk was opgestaan uit de dood. Judas? De verrader. En Petrus? Haantje de voorste, grote mond, maar op het moment supreme zei hij: “die Jezus die ken ik niet” (tot 3x toe). Wij dragen het elk van hen na: ongelovige Thomas, Petrus die Jezus verloochende. Het staat op hun voorhoofd gebrand.

Wij leven in een beeldcultuur: niet alleen met onze ipads en smartphones, ook met onze denkbeelden. Denken in karikaturen – je bent wat je ooit hebt gezegd. Als wat je hebt gezegd of gedaan op beeld is vastgelegd en via facebook of youtube de wereld in geslingerd is, wordt dat je eeuwig nagedragen. Digitaal onverwijderbaar. “Jij was toch diegene die…”. Het staat op je voorhoofd. Op sollicitatie of onverwacht in een gesprek krijg je het voor je voeten geworpen.

Ik ontmoet zoveel mensen die beschadigd zijn geraakt door een brandmerk. Door iets dat zij zelf hebben gezegd of veroorzaakt dat – achteraf gezien – echt niet goed was. Of door wat hen door een ander is aangedaan en diep heeft geraakt. Of het nu door jouw schuld of buiten jouw schuld is gebeurd, het doet er niet toe. Jij… eens een dief, altijd een dief. Jij…eens geknakt, altijd geknakt. Eens een hoer altijd een hoer. Eens een kneus…

Wat staat er op jouw voorhoofd? In welk vakje (misschien wel een pijnlijk vakje) duwen anderen jou? Misschien staat het wel niet op jouw voorhoofd, maar zit het diep in je hart/wezen gegrift. Het bepaalt mede hoe jij tegen jezelf aankijkt. Ik ben…een loser, een mislukkeling. Of: ik heb anderen iets aangedaan. Ik ben voor eeuwig…

Jezus gaat daar anders mee om. Hij haat karikaturen. Hij wil het doorbreken. Degene die tot 3x toe ontkende een leerling van Hem te zijn … geeft Hij eerherstel. Jezus geeft Hem zelfs een enorm grote verantwoordelijkheid terug. Petrus wordt hersteld in zijn eer en functie. De smet op Zijn leven wordt uitgewist, zoals je met een spons een schoolbord schoonveegt of met de deleteknop een fout verwijderd. Juist daarvoor stierf Hij aan het kruis.

Jezus gaat onze fouten, zonden, mislukkingen niet uit de weg. Liefdevol komt Hij bij Petrus staan. Liefdevol confronteert Hij Petrus ook met Zijn kwetsbaarheid, daar waar het fout ging. Jezus gaat er niet omheen, Hij gaat er middenin staan. En stelt Petrus(en ook mij) de hamvraag: Petrus, hou je van mij? Petrus antwoordt eerlijk: “Heer, U weet alles, U weet dat ik van U houdt”. Voor Jezus is enkel dàt genoeg om te horen.

Weg karikatuur. Weg valse beelden. Welkom: nieuw leven, een herkansing. Waarom dragen wij 20 eeuwen nadien Petrus zijn uitglijder nog na? Jezus laat Petrus niet in zijn sop gaar koken, Jezus is niet bitter of verwijtend. Hij wil slechts 1 ding horen: “Hou je van Mij? Aanvaard jij dat ik jouw zonden én brandmerken aan het kruis gedragen heb?”. Hij noemt Petrus bij naam: Simon Petrus, Zoon van Johannes, hou je van mij? Zo noemt Hij ook mij.n en uw naam: Jan-Martin (…vul uw naam in), hou je van mij? “Volg Mij”, zegt Jezus later. En Petrus…later lees ik van bitterheid en zelfverwijt niets meer terug – het is weg! Enkel bescheidenheid. Petrus heeft iets geleerd.

Zo mag ik herkansing krijgen. Ik hoef niet te leven in de karikatuur van mijn zonden of fouten. Stap uit die karikatuur. Wat anderen daarvan denken…, laat hen. Het gaat erom wat Jezus van mij denkt.

Blijf niet hangen in de karikatuur van dingen die gebeurd zijn. Als Jezus dat niet doet, waarom zou ik dat dan doen? En als ik daardoor een nieuw leven krijg, zou ik dat ook niet anderen gunnen? Dus…kijk ik met mijn ogen naar anderen en laat ook ik het brandmerken van anderen na. Dit is het begin van een nieuwe wereld, dit is iets van het begin van het Koninkrijk van God. Ik zeg: “Jezus…dank u wel! Petrus en Thomas, dankjewel dat jullie uit die karikatuur gestapt zijn!”.

Reageren op dit bericht? Mail naar omroep@gld.nl

Deel dit artikel: