Oud-directeur Pompekliniek Nijmegen zet vraagtekens bij tbs-traject moordenaar Mariska Peters

NIJMEGEN - Jos Poelman, oud-directeur van de Pompekliniek in Nijmegen, vindt het zeer opmerkelijk dat de moordenaar van Mariska Peters in de laatste fase van zijn tbs-behandeling zat. In een interview met Omroep Gelderland zegt hij: 'Als iemand niet wil praten over zijn delict, dan is het onverantwoord hem op verlof te sturen.'

De oom van Mariska Peters was al eerder veroordeeld voor zedendelicten. Hij zat in de laatste fase van zijn tbs-behandeling bij de Pompekliniek in Nijmegen. 

Tijdens de rechtszaak werd bekend dat hij nooit over die delicten wilde praten en dat hij drugs gebruikte en verhandelde. Oud-directeur Jos Poelman van de Pompekliniek vindt dat merkwaardig. Een patiënt die niet meewerkt kan volgens hem nooit in de laatste fase van tbs terecht komen. 

'Dat is onverantwoord'

Poelman: 'Als gedragskundige lijkt het mij onverantwoord om iemand die niet meewerkt en iemand die niet praat over zijn delict met verlof te laten gaan.' Poelman was jarenlang directeur van de Pompekliniek in Nijmegen, de tbs-kliniek waar Johan P. werd behandeld. Uit verklaringen zou blijken dat Johan zijn behandeling frustreerde. Hij verliet 's avonds stiekem de inrichting via een raam en zou cocaïne gebruiken en verhandelen. Drugstesten manipuleerde hij door te sjoemelen met urinemonsters.

Zie ook:

'Familie trekt niet zo maar aan de bel'

Zijn familie heeft zijn cocaïnegebruik in 2014 al gemeld. 'Signalen die je als kliniek zeer serieus moet nemen', aldus Poelman. 'Je moet dan onmiddellijk het verlof intrekken en de patiënt goed aanspreken op zijn gedrag. Je moet willen weten wat er aan de hand is. Familie trekt niet zo maar aan de bel.' Wat er met de melding van de familie van Johan P. is gebeurd, is nog onduidelijk.

De Pompekliniek wil niet reageren, noch op de rechtszaak, noch op de kritiek van Poelman. De kliniek verwijst naar het Ministerie van Veiligheid in Justitie.

  • Die laat in een schriftelijke verklaring weten:

"Er is op initiatief van de kliniek meteen een toedrachtsonderzoek gestart, een zogenaamd SIRE (Systematische Incident Reconstructie en Evaluatie) onderzoek. Een toedrachtsonderzoek wordt geleid door een onafhankelijke externe voorzitter, mensen van buiten en niet direct betrokkenen uit de kliniek. Het Ministerie van Veiligheid en Justitie heeft zich ervan vergewist dat de kliniek dit onderzoek heeft uitgevoerd en dat aanbevelingen zijn opgevolgd. Het onderzoek gaf aan dat het beveiligingsniveau van de betrokken patiënt paste bij zijn verlofkader (transmuraal verlof). Wel liet het onderzoek zien dat het toezicht op de urinecontrole verbeterd moest worden. Deze aanbeveling is meteen opgepakt door de kliniek. Verder kunnen we niet ingaan op deze individuele zaak."

Het ministerie vindt het onnodig om naar aanleiding van de kritiek opnieuw onderzoek te doen. Volgens een woordvoerder zijn er geen nieuwe feiten naar voren gekomen.

 

 

 

💬 WhatsApp ons!
Heb jij een tip of opmerking? Stuur ons een bericht op 06 - 220 543 52 of stuur een mail: omroep@gld.nl!
Meer over dit onderwerp:
Gemeente Nijmegen Nijmegen Nieuws
Deel dit artikel: