'Zaak-villamoord Arnhem belangrijker dan Puttense moordzaak'

ARNHEM - Negen mannen zijn in 1999 ten onrechte veroordeeld voor de 'Arnhemse villamoord'.

Dat stellen onderzoekers van de Universiteit van Maastricht. Volgens onderzoeker Han Israëls is deze zaak belangrijker dan de Puttense moordzaak.

Een 63-jarige Arnhemse werd op 2 september 1998 in een villa in Arnhem doodgeschoten. Een 33-jarige vriendin overleefde de aanslag. De buit was een portemonnee en een paar bankpasjes. Het moordwapen is nooit gevonden.

'Gerechtelijke dwaling'

Volgens de onderzoekers zijn de veroordelingen gebaseerd op valse bekentenissen en is er sprake van een gerechtelijke dwaling, vergelijkbaar met de Puttense moordzaak en de Schiedammer parkmoord.

'Vragen heel sturend'

Verschil met de Puttense moordzaak is dat de verhoren in deze zaak nog niet zijn vernietigd. Volgens Israëls zijn de vragen daarin heel sturend. Dit zou te zien zijn op videobanden van de verhoren.

5 tot 12 jaar cel

Acht mannen uit Arnhem, Nijmegen, Amsterdam en Lunteren werden in hoger beroep veroordeeld tot celstraffen van 5 tot 12 jaar. Een negende verdachte pleegde zelfmoord in zijn cel. Hij liet een brief achter waarin hij schreef onschuldig te zijn.

Meer over dit onderwerp:
Arnhem Dossier Arnhemse villamoord Nieuws
Deel dit artikel: