Vier dames in de onderduik


Het verhaal van de 82-jarige Edith Jakobs is eigenlijk het verhaal van vier vrouwen in oorlogstijd. Wonder boven wonder overleefden Edith, haar moeder, een tante en een nichtje een onderduikavontuur in de Achterhoek dat hen naar verschillende adressen voerde en dat eindigde in Westerbork. De Duitsers hadden tegen die tijd weinig treinen meer voor transporten. Zo kwamen de dames vrij.

door Wilma de Cort


Edith Jakobs-Jacobs (82) scharrelt wat rond in de opkamer van haar boerderij in Nijmegen. Dan brengt ze een boekje over de Joodse Gemeente in het Achterhoekse Hengelo, het dorp waar ze haar jeugd doorbracht. Er staat een passage in over de gevangenneming van enkele Joodse inwoners van Hengelo, onder wie haar vader, Samuel Jacobs. Een voetnoot onderaan de pagina meldt dat Samuel Jacobs eind oktober 1941 overleed in het Oostenrijkse steengroevenkamp Mauthausen. Het woord ‘overleed’ heeft Edith met een pen ferm doorgehaald. ‘Vermoord’, heeft ze in de plaats daarvan geschreven. Nooit kon ze afscheid nemen van haar vader, die werd opgehaald toen de overige gezinsleden niet thuis waren. Ook Ediths broer is later in een concentratiekamp, vermoedelijk Auschwitz, om het leven gebracht.


De correctie in het boekje heeft een emotionele lading die de woorden van Edith Jakobs door het patina van de tijd niet meer hebben. Wel beseft ze nog steeds dat het een wonder is ‘dat wij het hebben overleefd’, zoals ze opmerkt.


Met ‘wij’ bedoelt Edith Jakobs, buiten zichzelf, nog drie vrouwen: haar moeder, een tante en een nichtje. Samen beleefden de vier dames Jacobs een onderduikavontuur dat in april 1943 begon. Toen kregen de joden in Hengelo een oproep zich te melden in concentratiekamp Vught. Dat ze voor die tijd nog niet waren ondergedoken, verbaasde achteraf menig buitenstaander. Maar waarheen? En razzia’s leken de Achterhoek bespaard te blijven.


Aan de vooravond van het vertrek naar Vught, toen het gezin alle spullen al in de lange gang had gezet, riep moeder Jacobs – die gezworen had nooit levend in de handen van Duitsers te vallen – de hulp in van de vrouw van de plaatselijke burgemeester, Van Hoogstraten. „Ze was een bekende van ons en nadat mijn vader en ook een neef door de Duitsers waren opgehaald, had ze tegen mijn moeder gezegd: als ik ooit iets kan doen…”

Edith Jacobs in de onderduik. Edith Jacobs in de onderduik.

 

 


Er werd ‘íets geregeld’, maar het vluchtplan had een vreselijke consequentie. Ze waren genoodzaakt hun 84-jarige oma, die slecht ter been was, thuis achter te laten, waarna zij wel in Vught terecht kwam. Met zijn zessen vertrokken ze: de weduwe Jacobs met haar twee kinderen en een oom en tante met hun dochter Hetty. De bestemming: jeugdherberg ’t Kervel in Hengelo. Edith Jakobs: „In de kelder van ’t Kervel waren ramen en die gingen ook open, maar daarachter was een kippenhok; de lucht was muf; er was amper zuurstof.” Eén keer kwamen ze uit hun onderaardse kelder. „Op 31 augustus 1943, de verjaardag van koningin Wilhelmina, was er als verrassing voor ons boven een tafel gedekt. We werden daar allemaal duizelig door de zuurstof; we waren niet gewend aan frisse lucht. Toen werd besloten dat er iets moest veranderen en dat we om beurten ’s avonds een keer moesten luchten. In de eerste groep die naar buiten ging, zaten mijn broer en oom. Maar het is verraden.”


De twee werden gevangen genomen. De dames Jacobs hoorden de Duitsers boven zich lopen, maar de onderduikers werden wonder boven wonder niet gevonden.


Toch voelden de vrouwen zich niet langer veilig in ’t Kervel. Met hulp van mensen van de ondergrondse vertrokken ze de volgende ochtend en kwamen terecht in een jagershut bij kasteel De Wildenborch in Vorden. Edith: „Er lagen twee stromatrassen en er tegenover was een waterpomp. Er stond van alles klaar, zelfs rijst en ik meen ook koffie. Een man die op De Wildenborch werkte, bracht ons eten. Maar er kwamen schoolkinderen langs die iets hadden opgevangen van onderduikers. Toen moesten we ook daar weg.”

Edith Jacobs.

De volgende bestemming was een oud kippenhok van een particulier dat diep in het bos opnieuw werd opgebouwd. Vergeleken met de bedompte kelders van ’t Kervel was het een eldorado. Edith Jakobs: „Daar lagen ook stromatrassen en het was heerlijk om buiten te zijn. We konden er bramen plukken en ook een beetje wandelen. Ik herinner me nog dat mijn moeder ’s nachts zei: ‘Hè Edith, wat kriebel je toch’. Was het een bosmuis.” Op een zondag hoorden de weduwen Jacobs en hun dochters een man komen aanlopen. „We schrokken. Mijn moeder vroeg: ‘Waar woont u?’ Hij zei: ‘Tegenover de smid’. We hebben het meteen aan de ondergrondse doorgegeven.” De man had niets slechts in de zin en vroeg later of zijn zoon, die niet te werk gesteld wilde worden in Duitsland, zich bij de vier dames in het kippenhok kon vervoegen, maar dat leek hen niet zo’n goed idee. Besloten werd dat de jongeman overdag bij hen was, maar ’s nachts op kasteel De Wildenborch sliep. Edith: „Maar op een zeker moment werd tegen ons gezegd: in het najaar moeten jullie hier weg, want dan komen de jagers en worden jullie opgemerkt.” Voor het zover was, werd de schuilplek echter alweer verraden. „We werden met paard en wagen naar Vorden gebracht en in cellen gestopt en daarvandaan gingen we naar de gevangenis in Zutphen. Daar zei een bewaker dat er meer joodse mensen waren gepakt en dat we allemaal tegelijk naar buiten zouden gaan.”

 



Met de auto werden ze in november 1944 naar Westerbork gebracht, waar ze op 12 april 1945 werden bevrijd. De datum staat in haar geheugen gegrift. Ieder jaar belt Edith die dag haar nicht in het buitenland en zegt: ‘Hé Hetty, vandaag, je weet het, hè’.”





A A A
vrijdag 22 januari 2010 | 09:32 | Laatst bijgewerkt op: donderdag 30 december 2010 | 11:29
|

REACTIES

Geplaatst door: Rudy Meijers - 17-02-2010 21:06
Er is vandaag een uitzending van TV Gelderland geweest (alles uit de kast?)waar ik door een kennis op attend ben gemaakt.In deze uitzending vertelde een mevrouw dat zij voorwerpen uit haar ouderlijke omgeving heeft terug gekregen. Dat interesseert mij zeer aangezien er door wijlen mijn ouders Jacob en Elizabeth Meijers-van Geldere voorwerpen in bewaring zijn gegeven aan mensen in hun omgeving in Doetinchem die ik -hun enige zoon- nooit heb terg gezien. Mogelijk dat uw uitzending mij een aanknooppunt kan geven? Rudy Meijers.
Geplaatst door: Erna Bouwman-Koops - 12-02-2010 00:58
Heb uitzending Vera Lynn gezien. Mijn vader,verzetsman op de vlucht, verraden en opgepakt in Old Dutch in Arnhem heeft mij als kind die liedjes geleerd. Zag in dat uw presentetrice een CD had van Vera Lynn. Hoe kom ik daaraan.
Wil ik heeeel graag hebben/kopen
Erna
Geplaatst door: Joop Groot Nuelend - 29-01-2010 21:47
Geachte redactie,
Ik heb met veel belangstelling gekeken naar de uitzending van vrouwen in oorlogstijd.
Ik heb een foto waarop de vrouwen staan bij de hut in het wildenborche bos,samen met de heren Jansen en Kreunen,
Ik zou graag het adres van de familie jacobs willen hebben om hun de foto te kunnen geven
m vr Groeten joop Groot Nuelend
Nieuw bericht
Bedankt voor uw reactie!
Mogelijk wil de redactie met u in contact komen over dit onderwerp.
Laat hiervoor uw telefoonnummer en woonplaats achter.