Na de bommen bruidsboeket van hortensia's


Russische iconen van Jezus en Maria sieren de huiskamer in de Nijmeegse wijk Hatert. En foto's, veel foto's van de kinderen en (achter)kleinkinderen. Die helpen Nina Vermeulen-Soklokowa in haar gevecht tegen de altijd aanwezige zenuwpijnen en het oorlogstrauma, waardoor ze nooit goed slaapt. In redelijk Nederlands met een Russisch accent dat altijd is gebleven, vertelt ze over de tijd dat ze te werk was gesteld in een fabriek van Krupp in Rheinhausen, nabij Duisburg.

 

Russische dwangarbeiders worden in Kiew op de trein gezet naar Duitsland. Russische dwangarbeiders worden in Kiew op de trein gezet naar Duitsland.

"We moesten om half vijf opstaan en dan in de rij voor koffiesurrogaat. Geen suiker of melk, niks. Dan een uur lopen naar de fabriek, waar we ovens moesten bouwen voor de staalproductie. We sjouwden zand en zware stenen. 's Middags kregen we een lepel soep met rode kool. We werkten tot zes uur en liepen een uur terug naar het kamp, waar we weer wat soep kregen en een klein stukje brood. Met dat brood kon je iemand een gat in z'n hoofd slaan, zo hard was het. Eén keer per maand kregen we 25 gram boter en 25 gram suiker!"

Haar stem stokt en praten lukt even niet. Het is niet moeilijk om te begrijpen dat ze naar allerlei manieren zocht om aan het kamp te ontsnappen. Opgegroeid in Marosow, een dorpje 800 kilometer ten zuiden van Moskou, helpt Nina als jong meisje op de boerderij van haar vader. Als de oorlog uitbreekt, wordt ze als eerste van de familie opgepakt om in Duitsland te werk te worden gesteld. In Polen en de Sovjet-Unie nemen de Duitsers alle geschikte werkkrachten mee om de oorlogsindustrie draaiende te houden. Nina is dan nog geen achttien.

'Ostarbeiter' in een kamp in Duitsland, let op het kledinglabel 'Ost' (oosten).  'Ostarbeiter' in een kamp in Duitsland, let op het kledinglabel 'Ost' (oosten).

 

 "Elke dag vielen meisjes neer van de honger. Ik heb eraan gedacht om mijn arm in een machine te steken. Zonder arm zouden ze me misschien terugsturen naar Rusland. Een andere keer heb ik zoutzuur gestolen. Een goede Duitser die op kantoor werkte, zag het en we kregen de grootste ruzie. 'Jezelf van kant maken, ben je nou helemaal gek?' zei hij. 'Je moet verder leven!' Ach, dat was een schat van een man. Ik kreeg ook kleren van hem en zijn vrouw. Toen heb ik het niet gedaan."

In het kamp zitten ook mannen uit Nederland die voor de Arbeitseinsatz zijn geronseld. Op het praten met hen staan hoge straffen, maar toch zijn er manieren om elkaar te ontmoeten. "Jo Vermeulen werkte in de fabriek. 's Winters kon je bij het vuur even met elkaar praten. Niet veel, want ik kende maar een paar woordjes Duits en hij ook, maar toch. Op een zondagmiddag ben ik door het prikkeldraad gekropen om hem op te zoeken. Toen we elkaar gevonden hadden, begonnen ze te bombarderen en ben ik bij hem in de barak gekropen. Hij hield mij vast en gaf mij een kusje. Eerst dacht ik: doe weg, want wie weet wat hij met me wilde uitspoken? Ik had mijn moeder verloren toen ik vijf was en was al lang van huis, dus ik wist niks van die dingen. Maar hij was hartstikke lief en toen hebben we elkaar vaker ontmoet."

Hoe gevaarlijk dat is, blijkt als de kampcommandant ziet dat Jo en Nina elkaar kennen. Bij een ongeval in de fabriek raakt Jo bijna zijn vingers kwijt en mag hij terug naar Nederland. Speciaal voor Nina komt hij terug. "Hij had een paar appels en peren uit Holland bij zich en gaf die aan mij. De commandant zag dat en ik moest bij hem komen. Hij gaf me een paar klappen in mijn gezicht en zei: 'Jij gaat met een Hollandse kaaskop om!' Voor straf moest ik drie dagen in een schuurtje zitten zonder eten. 's Nachts werkte ik en overdag zat ik daar, met een groot slot op de deur. Ondertussen gingen de geallieerden door met bombarderen, maar daar trokken de Duitsers zich niks van aan. Ik trok me de haren uit het hoofd en heb geschreeuwd van angst."

 

Amerikaanse bommenwerpers werpen hun lading af boven Duitsland. Amerikaanse bommenwerpers werpen hun lading af boven Duitsland.

 

Dat de vrees voor bommen niet onterecht is, blijkt in juli 1944. Een voltreffer raakt het kamp en veel gevangenen overleven het niet. Nina bij toeval wel. "In mijn barak verloren 57 meisjes het leven. Ik overleefde omdat ik helemaal aan het einde van de barak zat. Daar verschoven door de luchtdruk wat planken en zo kon ik wegkomen. Overal gegil, vreselijk. Eén meisje zat onder de fosfor en stond te schreeuwen en te schreeuwen, verschrikkelijk! Toen het later begon te regenen, gleed ze ook nog uit en niemand kon haar oprapen, want dan kwam je zelf onder de fosfor te zitten. Ik had geen kleren meer; die waren gewoon verbrand. Een meisje gaf me een jas, zodat ik tenminste iets aan had. Het gouden kruisje dat ik van mijn vader had gekregen, ben ik toen kwijtgeraakt. Alle overlevenden zijn daarna geëvacueerd."

Nina en Jo tijdens een geheime ontmoeting buiten het kamp op een zondag in 1943. Nina en Jo tijdens een geheime ontmoeting buiten het kamp op een zondag in 1943.


In de ontstane chaos weet Nina te ontsnappen door een deken over haar hoofd te trekken. Samen met Jo, zijn broer en een Belgische gevangene ontvlucht ze in maart 1945 ook een tweede kamp, in Dinslaken, niet ver van Duisburg. Ze lopen twintig kilometer naar Bottrop. "We wisten niet waar we heen moesten, maar een Duitse brandweerman verwees ons naar twee houten bedden in een afgebrande drogisterij. Daar hebben we acht weken ondergedoken gezeten, tot 5 mei. We konden in leven blijven door langs de deuren te gaan en te bedelen om een stukje brood of een aardappel."

Ze maken de bevrijding mee in Bottrop en horen daar dat er veel Russinnen zijn die trouwen met Fransen en Belgen. "Ik wilde dat ook met Jo, want anders hadden ze me teruggestuurd naar Rusland en ik had geen idee of mijn familie nog leefde of niet. We zijn er 's middags in het stadhuis getrouwd. Als bruidsboeket kreeg ik hortensia's die buiten in bloei stonden, geplukt door de broer van Jo. We hebben een feest gehouden van geld dat we opgehaald hadden, met biscuitjes, frisdrank en brood. Meer was er nog niet, maar dat was al geweldig!"


Eind mei vertrekken Jo en Nina Vermeulen naar Nijmegen, waar ze twee dochters krijgen. In 1961 gaat Nina in haar eentje voor het eerst terug naar Rusland om haar zus en een broer te ontmoeten, die de oorlog overleefden. Drie jaar later overlijdt Jo op 42-jarige leeftijd aan een hartaanval, vlak voordat het hele gezin zes weken naar Rusland zou gaan. Nina is Nederland trouw gebleven vanwege haar kinderen en omdat ze er al zo lang woont. Toch mist ze Rusland als ze in Nederland is en omgekeerd. "Ik ben altijd half Hollands, half Russisch gebleven."



A A A
vrijdag 11 december 2009 | 16:21 | Laatst bijgewerkt op: donderdag 30 december 2010 | 11:40
|

REACTIES

Geplaatst door: P.C.A. Vrauwdeunt - 01-11-2013 14:22
L.S; Ik ben van 1935 en woonde met mijn ouders van eind '41 tot eind '49 in de Korte Hofstraat 2 in Zutphen. Heb als opgroeiend jochie het bombardement, de munitie trein, de bevrijding en de torenbrand van de walburgkerk meegemaakt. Ben twee keer gewond geweest. Veel verhalen. Interesse?
Geplaatst door: Nina vermeulen - 06-09-2013 19:06
Hallo Ruud je kunt mijn mailen om een afspraak te maken met mijn moeder Gr. Nina
Geplaatst door: Ruud van Leur - 30-11-2012 13:23
Indrukwekkend verhaal!
Mijn moeder Tatiana Feodorovna Krasnotschokowa-Van Leur, overleden in 2005 heeft een soortgelijke periode in Duitsland meegemaakt en dit in het russisch opgeschreven. mijn vrouw heeft dit vertaald naar het Nederlands, 450 pagina's.
Graag zou ik in contact willen komen met Nina als zij nog in leven is!

Vriendelijke groet,
Ruud van Leur.
Geplaatst door: D.v Bremen- Razing - 30-01-2010 12:27
Mooie reportage van Nina.Ik ken haar persoonlijk en ben over haar verleden bekend.We hebben nog vaak contact.Door omstandigheden heb ik de reportage in de krant gemist. Probeerde die nu af te drukken maar krijg helaas haar foto er niet op. Kunt u me helpen?
Nieuw bericht
Bedankt voor uw reactie!
Mogelijk wil de redactie met u in contact komen over dit onderwerp.
Laat hiervoor uw telefoonnummer en woonplaats achter.