25 februari: soep voor hongerlopers

In aflevering drie van de Bevrijding van Gelderland staan we in Goedemorgen Gelderland stil bij de hongerwinter.

In Harderwijk werden mensen uit Randstad, terwijl ze onder vaak erbarmelijke omstandigheden onderweg waren voedsel te vinden in Noord- en Oost-Nederland, gevoed door leden van het Rode Kruis. Dat gebeurde in de bouillonfabriek van Fino, het latere California.

Ger Swijnenburg (80) uit Rhoon onder de rook van Rotterdam loopt sinds hij in de VUT ging de Vierdaagse van Nijmegen. Hij doet dit jaar voor de twintigste keer mee.

Hoewel er geen verband is, had hij in de oorlog al ervaring opgedaan met verre wandeltochten. In februari 1945 liep hij namelijk in een tijdsbestek van vijf dagen van Rotterdam naar het Overijsselse Gramsbergen.

Hij was 15 toen hij begon aan zijn hongertocht die hem onder meer bracht bij de Fino-fabriek in Harderwijk.

Ger Swijnenburg Ger Swijnenburg

'Ik liep mee met een marktkoopman en een buurman van hem. Het was de bedoeling dat ik in Gramsbergen zou blijven', vertelt Swijnenburg. In de zomer van 1944 had hij al eens geholpen op het land van een boer in Gramsbergen.

'In februari '45 wilde de boer mij niet meer hebben. In de buurt waren veel mensen ondergedoken en het werd te gevaarlijk. Toen kwam ik bij iemand anders terecht waar ik als boerenknecht kwam. De mensen leven natuurlijk allang niet meer maar met de familie heb ik nog steeds contact. Ik kom er nog geregeld.'

 

Wim Foppen Wim Foppen

Wie op de Noord-Veluwe de bevrijding van dichtbij meemaakten, zijn Wim Foppen (86) uit Ermelo en Karel Petersen (79) uit Hierden. Foppen was gedurende de Tweede Wereldoorlog nooit thuis, want hij wilde niet aan het werk in Duitse werkkampen.

In plaats daarvan besluit Foppen als onderduiker door het leven te gaan en zich in te zetten voor de Nederlandse Binnenlandse Strijdkrachten (BS). Aan het einde van de oorlog meldde Foppen zich bij de mariniers om te vechten in Nederlands-Indië. Hij keerde in 1948 terug met een kogelwond tussen zijn borst en rechtersleutelbeen. De kogel wordt pas jaren later verwijderd.

Als BS'er heeft Foppen met name in Drenthe, Friesland en Groningen gezeten. In Drenthe zat hij onder meer ondergedoken bij een boer in Dalen en die boer bleek te zijn aangesloten bij de NSB; niettemin heeft deze boer Foppen beschermd tegen de Duitsers.

Decennia na de oorlog kwam Foppen op een bungalowpark in Limburg in gesprek met een familie. Het bleek te gaan om een Daler gezin dat Foppen de gegevens verstrekte van de inmiddels overleden boer en boerin. 'De kinderen hebben me niets over de ouders willen vertellen. Ze schaamden zich ervoor dat hun ouders fout waren in de oorlog. Maar de boer heeft me nooit verraden', vertelt Foppen.

In Harderwijk en omgeving was het in de laatste maanden van de Tweede Wereldoorlog betrekkelijk rustig. In buurdorp Hierden waren vijf Duitsers gelegerd maar zij waren gedeserteerd. Ze werden gevoed door de lokale bevolking en toen de Canadezen op 18 april Harderwijk en Hierden binnenreden, waren ze als een kind zo blij dat het voorbij was.'

Karel Petersen Karel Petersen

Karel Petersen was apothekersassistent bij Apotheek Greidanus in Harderwijk. Dat werk zou hij in totaal veertig jaar doen. 'Ik bracht bij de mensen medicijnen. Ik wist ook waar iedereen woonde', zegt Petersen. Als jongen van 15 mocht Karel Petersen overal komen. 'Af en toe werd ik wel door Duitse soldaten tegengehouden, maar dan mocht ik gewoon doorlopen.'

Vrouwen, kinderen en ouderen uit de grote steden in de Randstad (Amsterdam, Den Haag en Rotterdam) gingen op hongertocht en kwamen ook in Harderwijk. Het Rode Kruis beheerde bij de voormalige Fino-fabriek (later California) een gaarkeuken waar de vaak uitgemergelde mensen soep kregen uitgedeeld. 'Ze kwamen massaal uit het Westen', weet Petersen nog. Onder de Harderwijker gezinnen, en die konden zeer groot zijn, was geen sprake van honger. Petersen: 'Je sprokkelde van alles bijeen. Er was wel schaarste, gebrek aan koffie, thee en suiker, maar je ging bijvoorbeeld stiekem een varken uit een weiland halen. En je ruilde etenswaren.

De bouillonfabriek van Fino aan de Verkeersweg werd gesticht in 1938 en werd geleid door de familie Holtrust. In de oorlog was de fabriek in handen van de Duitsers; later kreeg de fabriek de naam California om uiteindelijk in handen te komen van Struik in Voorthuizen.

Gert Jan van Elten

In Halte 7 een interview met Gert Jan van Elten uit Voorthuizen (80). Van Elten heeft een fascinatie voor de laatste maanden van de Tweede Wereldoorlog. Zijn eigen ervaringen brachten de oud-wethouder van Barneveld ertoe verhalen uit die laatste oorlogsmaanden op te schrijven en te verfilmen.

Als jongen van 16 maakte hij de opmars van de Canadezen mee die vanuit Arnhem op weg waren naar de Noord-Veluwe. ‘Ik was mateloos geïnteresseerd in techniek en het materieel van de soldaten. Voor een tiener als ik waren die oorlogsmaanden vooral spannend, met al die verkenners en tanks die door het gebied kwamen en de vliegtuigen die ik zag opstijgen’, zegt Van Elten.

Gevaarlijk was het ook. Van Elten: ‘Ik ben twee keer erg bang geweest. De eerste keer was het ’s avonds laat. Je mocht officieel de straat niet op, maar met paard en wagen heb ik met anderen geprobeerd ergens spullen te halen. Opeens werden bestookt door Duits vuur. Achter een boom heb ik toen dekking gezocht.’

Gert Jan van Elten Gert Jan van Elten

De tweede keer dat Van Elten het Spaans benauwd kreeg, was tijdens een beschieting door Canadezen. ‘Ik wilde de tanks zien en liep naar ze toe. Toen ik het wat lang vond duren en het allemaal wel gezien had, liep ik weg, een weiland in. Ik hoorde schieten en hoorde de kogels om me heen vliegen. Toen kwam ik erachter dat ik het doelwit was.’ De jonge Van Elten redde het vege lijf door in een sloot te springen.

In 2008 en 2009 besloot Van Elten, onder meer gewapend met een videocamera, de verhalen van de bewoners die de bevrijding van de dorpen in de gemeente Barneveld en omliggende buurtschappen als Wessel, Garderbroek en Zeumeren meemaakten vast te leggen. Zijn verhalen verschenen in het periodiek van de Oudheidkundige en Historische Vereniging Oud Barneveld.

‘Waarom ik de verhalen opschreef? Ik had een kaart gezien met daarop de routes die de Canadezen in ons gebied hadden afgelegd. En die routekaart klopte niet.’


De Veluwe bevrijd. Foto: Freedom Memorial Tour De Veluwe bevrijd. Foto: Freedom Memorial Tour

Van Elten hoorde onder meer het verhaal van een ‘verdwaalde’ Britse legereenheid die door verzetstrijders, als onderdeel van de actie Pegasus II, bij Renkum over de Rijn in veiligheid zou worden gebracht. De oud-wethouder: ‘De commandant week af van de te volgen route en zodoende kwam hij midden tussen de Duitse linies terecht op de Ginkelse Hei.’ Van Elten hoorde dit verhaal van de nu 90-jarige verzetsstrijder Gert van Ee uit Kootwijkerbroek.

Als puber in Kootwijkerbroek was hij getuige van een merkwaardige ontmoeting, een gebeurtenis die hij nooit zal vergeten. ‘Ik was op pad met een Engelse soldaat die ik op de fiets naar Otterlo zou brengen. Maar in Otterlo zaten Duitse militairen en we kwamen natuurlijk Duitse militairen tegen. Op een gegeven moment staan de Engelsman en een Duitser tegenover elkaar. Beiden in uniform en beiden gewapend. Maar er gebeurde he-le-maal niets.’

Op zijn zoektocht naar de ware verhalen over de bevrijding van Kootwijkerbroek, Barneveld, Voorthuizen en al die tussenliggende buurtschappen, stuitte Van Elten op bijzondere ervaringen. ’Er zaten complete boerengezinnen’, aldus de inwoner van Voorthuizen, ‘in schuilkelders. En toen de Duitsers in april doorkregen dat het einde voor hen naderde, gingen die ook in die kelders zitten.’

De Veluwe bevrijd. Foto: Freedom Memorial Tour De Veluwe bevrijd. Foto: Freedom Memorial Tour

Op drie plekken in zijn omgeving zijn zware gevechten geweest: in Otterlo, bij Barneveld en in Voorthuizen. ‘De Canadezen hebben ons bevrijd. Het waren vriendelijke gasten, maar ze hebben ook minder leuke dingen uitgespookt. Als ze vermoedden dat Duitsers zich schuilhielden in een boerenschuur schoten ze eerst hun mitrailleurs leeg of zetten de boel in brand en staken pas daarna hun hoofd om de staldeur.’ En: ’Van de mensen die nu nog in leven zijn, heb ik verhalen gehoord dat een Duitse militair op Gelkenhorst bij Barneveld door zijn kameraden werd gedood, terwijl hij zich overgaf aan een geallieerde eenheid.’

Van Elten maakt deel uit van een de drie organisaties die in Voorthuizen een groot bevrijdingsfeest op touw zetten. Aan dat 65ste herdenkingsfeest doen ook weer veteranen mee. Van Elten hoopt vele bevrijders uit 1945 te begroeten.

Meer informatie vindt u op www.oudbarneveld.nl, www.voorthuizen-tattoo.nl en www.oranjeverenigingvoorthuizen.nl

 



 


25 februari: soep voor hongerlopers, fragment 1
25 februari: soep voor hongerlopers, fragment 1
25-02-2010 11:28
25 februari: soep voor hongerlopers, fragment 2
25 februari: soep voor hongerlopers, fragment 2
25-02-2010 11:27
25 februari: soep voor hongerlopers, fragment 3
25 februari: soep voor hongerlopers, fragment 3
25-02-2010 11:28
25 februari: soep voor hongerlopers, fragment 4
25 februari: soep voor hongerlopers, fragment 4
25-02-2010 11:29
25 februari: Halte 7 Gert Jan van Elten, fragment 1
25 februari: Halte 7 Gert Jan van Elten, fragment 1
25-02-2010 11:55
25 februari: Halte 7 Gert Jan van Elten, fragment 2
25 februari: Halte 7 Gert Jan van Elten, fragment 2
25-02-2010 11:56
25 februari: Halte 7 Gert Jan van Elten, fragment 3
25 februari: Halte 7 Gert Jan van Elten, fragment 3
25-02-2010 11:56
A A A
donderdag 25 februari 2010 | 10:20 | Laatst bijgewerkt op: woensdag 03 november 2010 | 15:23
|