Kijken naar de toekomst

Wat is de toekomst van radio, televisie, de krant, internet? Dat is een vraag waar iedereen die iets met media te maken heeft zich mee bezig houdt, waar heel veel ideeën en gedachten over bestaan, waar heel veel deskundologen en trendwatchers “zekere” voorspellingen over doen (die elkaar net zo vaak tegenspreken). Radio was 20 jaar geleden volgens velen al gedoemd te verdwijnen, maar bestaat nog altijd. Televisie zou volgens de voorspellingen nu allang anders zijn: mensen zouden massaal “on demand” kijken, ofwel: ieder programma dat je wilt bekijken op een moment dat jou uitkomt. Verreweg de meeste mensen kijken nog altijd gewoon televisie. Natuurlijk, internet heeft –net als andere online-mogelijkheden- een grote vlucht genomen en zorgt voor heel veel verandering bij de “oude” media, maar is zeker niet allesoverheersend. En de krant bestaat ook nog. Er worden er zelfs meer gedrukt dan ooit tevoren, maar het zijn vooral de gratis kranten die hiervoor verantwoordelijk zijn.


Journalisten maken ook geen artikelen of reportages meer. Het heet tegenwoordig allemaal “content”. Lezers, kijkers, luisteraars zijn klanten, een persbureau moet een “contentbroker” worden, we moeten doen aan “syndicatie met andere contentmakers” (in goed Nederland: ga ’s wat meer samenwerken), we zien een verschuiving van “content gericht op de massa naar content gericht op de nichemarkt” (niet meer alles voor iedereen, maar gericht op doelgroepen). Er komt een toename van “kopieergedrag door digitale innovaties” (ofwel: op internet jat iedereen alles van elkaar). En van journalisten –pardon: contentmakers- en media wordt verwacht dat vooral meetbaar is wat ze maken: hoeveel artikelen of reportages heb je deze week afgeleverd, hoeveel mensen hebben het gezien, gelezen of gehoord. Belangrijk voor aandeelhouders, adverteerders en subsidiegevers.


Deze week werd ik als “sleutelpersoon uit de journalistieke wereld” gevraagd om mee te doen aan een groot onderzoek van de gezamenlijke Europese opleiding voor de journalistiek. Het onderzoek wordt gehouden in 24 landen en moet de opleidingen helpen om ook in de toekomst nieuwe journalisten af te leveren die optimaal uitgerust zijn voor het werken in die veranderende mediawereld. Met vragen als “wordt het wel of niet belangrijker om te weten wie je lezer, kijker of luisteraar is” of “wordt het wel of niet belangrijker om over een brede algemene ontwikkeling te beschikken”. Natuurlijk geef ik graag mijn visie, maar bij de derde vraag ging het al mis: ik moest aangeven waar ik werkte en uit een hele lijst kon ik maar 1 antwoord kiezen. Dus moest ik kiezen uit “publieke radio”, “publieke televisie” en “internet en andere online media”.

Omroep Gelderland maakte ooit alleen radio, later kwam televisie en nu is het een echt multimediabedrijf. Zelfs de meest traditionele krant heeft nu een internetsite, maar worstelt er wel mee: er is geen geld om de site goed te ontwikkelen, de uitgever kan er weinig mee verdienen en investeert dus niet echt, omdat het nieuws op internet staat neemt het aantal betalende abonnees af. Kind van de rekening? De redactie en de lezer. Bij De Gelderlander verdwijnen weer banen, worden de edities met het nieuws van dichtbij voor een deel uitgekleed. Terwijl uit onderzoeken blijkt dat de lezer van De Gelderlander juist regionale kwaliteitsjournalistiek wilt. Maar het is bijna niet meer op te brengen en noodgedwongen moeten er rigoureuze keuzes worden gemaakt. Dat doet pijn, niet alleen voor de collega’s van de krant, maar uiteindelijk voor iedereen. De krant en de klant verdienen beter.


Nieuws maken, duiden en verslaan is arbeidsintensief, zeker als je het goed wilt doen en als medium een rol van betekenis wilt spelen in de maatschappij, wat toch de basis is van de journalistiek. Maar kwantiteit lijkt in deze tijden vaak belangrijker dan kwaliteit, “meer” verdringt het “beter” en bij de keuze tussen “snel” en “goed” moet het vooral allemaal vlug. Het nieuws wordt oppervlakkiger, de pers praat elkaar steeds vaker na en rolt van de ene hype in de andere, de lezer/kijker/luisteraar/surfer krijgt meer van hetzelfde. Gelukkig zijn er nog media die, hoe moeilijk het soms ook is, wel investeren in dat ene bijzondere verhaal of het uitzoeken van die ene misstand. En er ontstaan steeds meer samenwerkingen, zoals tussen De Gelderlander, De Stentor en Omroep Gelderland in het project Vrouwen in Oorlogstijd. Samen delen we een uitzoek-redactie, die informatie aanlevert voor de krant en voor de omroep, die daar vervolgens op hun manier verhalen van maken. Aanvullend op elkaar. En dan gaan er gelijk stemmen op dat dit “slecht is voor de pluriformiteit van de pers”. Je zou juist meer tegenover elkaar moeten staan en elkaar zo scherp houden. Onzin: de kunst is om elkaar scherp te houden, maar wel de voordelen van samenwerking te benutten. Echt slecht voor de pluriformiteit is het verdwijnen van de regionale krant, want dan verdwijnt niet alleen de concurrentie, maar ook een belangrijk onderdeel in de regionale maatschappij. Dat moeten we met zijn allen voorkomen.


Het multimediabedrijf Omroep Gelderland denkt ook continu na over de toekomst en kiest voor kwaliteit. De toekomst is het gevolg van het verleden, zonder verleden geen toekomst. Dat verleden is wat ons betreft van 14 tot 20 september de herdenking van Market Garden en de slag om Arnhem. Een week lang iedere avond bijzondere televisieprogramma’s en veel aandacht op radio. Alles terug te vinden op internet, aangevuld met de nodige achtergrondinformatie. Met indringende verhalen die we optekenden in ondermeer Polen, Engeland, Duitsland en de Verenigde Staten. Daarna zullen we tot en met 5 mei 2010 regelmatig aandacht besteden aan de oorlogsperiode, met bijvoorbeeld de genoemde serie Vrouwen in Oorlogstijd, bijzondere documentaires en rechtstreekse verslagen van herdenkingen en evenementen. Opdat we ook in de toekomst niet vergeten.



Ton Mallo, hoofdredacteur

 

A A A
donderdag 03 september 2009 | 12:45 | Laatst bijgewerkt op: donderdag 03 september 2009 | 16:33
|

REACTIES

Geplaatst door: Mickel Langeveld - 31-10-2009 22:03
zojuist een abonnement genomen op jullie twitter service op http://twitter.com/omroepgld . Had hem alleen op de homepagina verwacht en niet onder nieuwsbrief...
Geplaatst door: Mickel Langeveld - 31-10-2009 22:01
Zojuist een abonnement genomen op jullie twitter: http://twitter.com/omroepgld . De service bestaat dus al, heel goed. Zou hem alleen op de homepagina aangeven en niet onder nieuwsbrief...
Geplaatst door: Mickel Langeveld - 31-10-2009 21:53
Om meer exposure voor je website te krijgen, zou je je nieuwszending in individuele nieuwsitems kunnen opknippen. Eventueel met meer "content" als je op de tv kunt laten zien. Als je deze individuele nieuwsitems dan weer "broadcast" via twitter met een link naar het nieuwsitem op internet kunnen inwoners jullie tweets gaan volgen en wanneer hen het interessant lijkt het item komen bekijken. Voor mijzelf als raadslid de oplossing om op de hoogte te blijven wat omroep gelderland allemaal doet en uitzend zonder dat ik continue de tv of website moet volgen.
Nieuw bericht
Bedankt voor uw reactie!
Mogelijk wil de redactie met u in contact komen over dit onderwerp.
Laat hiervoor uw telefoonnummer en woonplaats achter.