Rosie heeft spieren als staalkabels

GROESBEEK - Met miljoenen tegelijk pakten ze de hamer en het lasapparaat op en maakten van alles: van jerrycans tot vliegtuigen.

Rosie the Riveter werden de Amerikaanse vrouwen genoemd, die tijdens de Tweede Wereldoorlog zwaar en soms heel gevaarlijk werk deden in de oorlogsindustrie. Drie van die Rosies waren vrijdag in het Bevrijdingsmuseum in Groesbeek voor een 'meet en greet'.

De drie Rosies die hun verhaal zullen vertellen in het Bevrijdingsmuseum zijn:

- Anna Hess (geb. 1928) uit West Virginia maakte vrachtwagenbanden in Ohio terwijl haar moeder werkte aan de bouw van bommenwerpers.

- Crena Anderson (geb. 1924) uit Maryland werkte aan de bouw van transportvliegtuigen. Ze trouwde na de oorlog met een overlevende van de aanval op Pearl Harbour en verzorgde na zijn dood een tweede Pearl Harbour overlevende.

- June Robbins (geb. 1926) uit Pennsylvania hielp in de haven van Philadelphia met het ontwerpen van scheepsonderdelen en werkt nu nog steeds als clown in kinderziekenhuizen.

Rosie symbool voor feminisme

'Rivet' is Engels voor klinknagel. Een 'riveter' is iemand die klinknagels slaat. Rosie the Riveter werd voor het eerst vermeld in 1942 in een gelijknamig liedje geschreven door Redd Evans en John Jacob Loeb. Canada ging de VS voor met hun Ronnie, the Bren Gun Girl en in het Verenigd Koninkrijk was er in die periode sprake van canary girls of munitionettes in de munitie-industrie. In de Tweede Wereldoorlog was vrouwelijke arbeidskracht onontbeerlijk omdat de mannen in het leger zaten. Op wervingsposters uit die tijd staan de Rosies vaak afgebeeld met spieren als staalkabels.

De meet en greet begint om 13.30 uur met een boomplantceremonie ter ere van de Rosies. Hun verhalen zullen worden verteld en de beroemde oorlogsliedjes over de Rosies zullen te horen zijn. Vervolgens is er van 15.00-17.30 uur een doorlopend programma van korte lezingen over de rol van vrouwen in de Tweede Wereldoorlog.




Meer over dit onderwerp:
Groesbeek
Deel dit artikel: